- Inrichting & Uitrusting
- Vertaald met AI
Heeft schone kamerkleding invloed op de concentratie van medewerkers en zo ja, op welke manier?
Autoren: Carsten Moschner, Dr. Timo R. Hammer, Prof. Dr. Dirk Höfer
Een groot aantal activiteiten in cleanrooms vereist van de medewerkers doorgaans een hoge concentratievermogen, dat ook over een langere periode moet worden vastgehouden. Gecompliceerde werkzaamheden vereisen altijd een hoog niveau van nauwkeurigheid, waardoor fouten niet alleen veel geld kunnen kosten, maar ook aanzienlijk verstrekkende gevolgen kunnen hebben, zoals bijvoorbeeld bij sommige werkzaamheden onder cleanroomcondities in de farmaceutische industrie. Ook al is het streven naar steeds hogere automatiseringsgraden bedoeld om de âmenselijke foutbronâ te verminderen, het zijn juist deze complexere werkstappen die de mens nog steeds onmisbaar maken in het productieproces. Als een persoon zich in een bepaalde omgeving ongemakkelijk voelt, zal de aandacht daar zeker onder lijden. Het concentratievermogen zal afnemen en daarmee de frequentie van fouten toenemen. De uitdaging voor de cleanroombeheerder bestaat erin om de werkomgeving, ondanks alle reinheidstechnische eisen, zo aangenaam mogelijk voor de medewerkers in de cleanroom te maken, om het risico op hogere foutpercentages te verminderen. Een bepalende rol hierin speelt de cleanroomkleding.
Tot nu toe beperkten de meeste onderzoeken over draagcomfort en cleanroomkleding zich vooral tot de thermophysiologische factoren, zoals de dampdoorlaatbaarheid en de warmtegeleidingsvermogen. Hier vormt de dampdoorlaatweerstand een veelzeggende maatstaf voor het bepalen / definiëren van de ademingsactiviteit van een cleanroomtextiel. Eerdere onderzoeken hebben aangetoond dat de waarden voor dampdoorlaatweerstand tussen verschillende cleanroomtextielen kunnen verschillen van 100% of meer. Anders uitgedrukt: er zijn stoffen die men met gerust hart als ademend kan beschouwen - andere worden eerder als ademloos gekenmerkt.
Een tweede belangrijke factor bij de beoordeling van het draagcomfort van een cleanroomtextiel is zeker de grip – de zachtheid – de tactiliteit van een textiel. Vaak bepaalt de medewerker in de eerste 5 seconden alleen door het aanvoelen van het textiel of het prettig draagt of niet. Deze zeer subjectieve beoordelingsmethode is meettechnisch slechts zeer moeilijk na te bootsen.
Op basis van bovenstaande criteria, dus huidgewaarwordingskenmerken in combinatie met thermophysiologische factoren en in samenhang met ergonomische draagcomforteigenschappen (pasvorm, snit, ontwerp), zullen de medewerkers zich in verschillende cleanroomkleding meer of minder prettig voelen. Maar de vraag rijst: hoe beïnvloedt dit welzijn de prestaties van de medewerkers? Zijn er verschillen tussen verschillende kledingssystemen te herkennen en zo ja, hoe groot zijn deze verschillen? Het is gemakkelijk te begrijpen dat dit niet alleen belangrijke vragen zijn voor de medewerkers die dergelijke kleding dagelijks moeten dragen, maar ook beslissingsfactoren voor een bedrijf. Bij afnemend concentratievermogen en gelijktijdige toename van de foutfrequentie ontstaan hogere kosten voor bedrijven, die uiteindelijk directe invloed hebben op de concurrentiekracht van hun producten en diensten. Omdat werkzaamheden onder cleanroomcondities vaak het hart vormen van een productie, wegen fouten in dit gebied meestal extra zwaar.
Dastex heeft zich samen met de Hohenstein-instituten in Bönnigheim beziggehouden met bovenstaande vraagstelling en in een reeks onderzoeken verschillende kledingsystemen getest op hun invloed op het concentratievermogen van personen en, indien ja, in welke mate. De basis voor deze reeks onderzoeken met meerdere proefpersonen vormde een speciaal ontwikkeld testprocedé van Hohenstein, dat gebaseerd is op internationaal erkende en gestandaardiseerde testsystemen uit de arbeidspsychologie. Daarbij werden proefpersonen onder gedefinieerde omstandigheden eerst blootgesteld aan een 10-minuten durende concentratieoefening (stressfase). Direct daarna volgde de 80-minuten durende testuitvoering. In deze fase werd het concentratievermogen van de proefpersonen computergebaseerd gemeten. Het systeem bepaalt daarbij zowel de reactietijd als de foutenfrequentie (aantal fouten). Er werden de parameters gedeelde aandacht (multitasking) en selectieve duurzame aandacht gecontroleerd.
Voor de reeks onderzoeken werden de volgende kledingsystemen ingezet, zie ook tabel (zie bijlage):
1. normale, privé straatkleding
2. Cleanroom-herbruikbare kleding (wasbaar), bestaande uit een cap, overall en overschoenen, vervaardigd uit een standaardtextiel (= weefsel A) van Dastex.
3. Een ander set herbruikbare cleanroomkleding (wasbaar), bestaande uit overall, cap en overschoenen, maar gemaakt van een iets lichter weefsel (= weefsel B) vergeleken met weefsel A. Wat betreft de ademingsactiviteit (dampdoorlaatbaarheid) vertoont het weefsel van testreeks 3 slechtere waarden dan het materiaal uit testreeks 2. De overschoenen werden – omdat ze vermoedelijk nauwelijks invloed hebben op het totale meetresultaat – overgenomen uit testreeks 2.
4. Wegwerpkleding, bestaande uit een overall, cap en overschoenen van een materiaal dat momenteel meestal als wegwerpkleding (type 4) in de cleanroomindustrie wordt gebruikt.
De proefpersonen voerden de tests op verschillende dagen telkens op hetzelfde tijdstip uit onder gedefinieerde omstandigheden (20°C, 42-44% relatieve luchtvochtigheid) in een cleanroom van ISO-klasse 5. Zo konden storingsfactoren zoals schommelingen in de kamertemperatuur en het persoonlijke dagritme worden geëlimineerd. Om invloed van externe visuele prikkels uit te sluiten, vonden de tests plaats in een afgesloten cabine, de zogenaamde âstressboxâ.
Bij de metingen ging het erom de concentratiecapaciteit van de proefpersonen over de gedefinieerde periode te volgen. Berekend werd de leeftijdsgecorrigeerde gemiddelde reactietijd (RZ) op visuele en auditieve prikkels, evenals het aantal gemaakte fouten per proefmodule. De resultaten worden hierna nader toegelicht (zie bijlage tabel 2 / grafiek 1).
Dat de privé straatkleding, waarin de proefpersonen zich prettig voelen, bij deze onderzoeken niet de beste score behaalt, is zeker verrassend. Men zou denken dat cleanroomkleding als een belangrijke en noodzakelijke filter tussen mens en product het welzijn van de medewerkers negatief zou beïnvloeden in vergelijking met normale dagelijkse kleding. De hier gepresenteerde onderzoeken tonen echter aan dat de combinatie van reinraumgeschikte tussenkleding en cleanroomoverkleding van weefsel A in de neiging zelfs beter scoorde dan de gewone straatkleding â zeker niet slechter. Daarentegen zijn zowel de resultaten van de combinaties met weefsel B als de wegwervariante in totaal minder gunstig dan die van de straatkleding.
Ook interessant zijn de verschillen tussen de verschillende cleanroomkledingssystemen. Significant slechter scoort het wegwerpsysteem in vergelijking met de twee herbruikbare cleanroomkledingvarianten. Zowel bij gedeelde aandacht als bij duurzame aandacht daalt het reactievermogen, terwijl de foutenfrequentie toeneemt. De verschillen tussen de twee herbruikbare cleanroomkledingsystemen zijn minder significant. Hier toont aan het begin van de tests eerst het lichtere, dichtere weefsel betere waarden op het gebied van gedeelde aandacht, terwijl het iets zwaardere, maar ademende weefsel duidelijke betere waarden bij de duurzame aandacht vertoont. Omdat werkzaamheden in de cleanroom meestal meer langdurig van aard zijn en dus het concentratievermogen over een langere periode moet worden vastgehouden, is duurzame aandacht het belangrijkere criterium. Dit betekent uiteindelijk dat het materiaal van weefsel A als het beste, in deze studie geteste cleanroomkledingssysteem kan worden beoordeeld. Een mogelijke verklaring waarom het dichtere weefsel (B) aan het begin van de tests (gedeelde aandacht) iets beter scoorde, is dat de hogere ademingsactiviteit (dus de lagere dampbarrière) van weefsel A pas bij langere proefduur een positief effect had op het concentratievermogen van de proefpersonen, terwijl in het begin het lagere oppervlakgewicht van weefsel B voordeliger was.
Conclusie:
Het dragen van cleanroomkleding kan het concentratievermogen van de medewerkers aanzienlijk beïnvloeden. Dit kan zowel gezondheids-, kwaliteits- als economische gevolgen voor de productie hebben. Met het Hohenstein-testproces kunnen de relevante parameters voor het eerst meettechnisch betrouwbaar worden vastgelegd. De hier geteste herbruikbare cleanroomkledingsystemen hadden geen of slechts een geringe negatieve invloed op de mentale prestaties van de proefpersonen. De algemene uitspraak dat het dragen van cleanroomkleding het prestatievermogen van medewerkers in het algemeen negatief beïnvloedt, kan op basis van de resultaten met weefsel A dus niet meer worden gehandhaafd. In deze studie toonde de geteste wegwerpkleding in de klassieke stijl een negatieve invloed op de mentale prestaties van de medewerkers, in vergelijking met de onderzochte wasbare herbruikbare cleanroomkledingsystemen.
Ook bij herbruikbare kledingsystemen moet men bij het behoud van het concentratievermogen over een langere periode nauwkeuriger kijken, want afhankelijk van de ademingsactiviteit van het weefsel konden verschillen worden vastgesteld.

Dastex Group GmbH
Draisstraße 23
76461 Muggensturm
Duitsland
Telefoon: +49 7222 9696 60
Fax: +49 7222 9696 88
E-mail: info@dastex.com
Internet: https://dastex-group.com/








