- Vertaald met AI
Moderne voorwaarden voor interdisciplinaire onderzoek
Richtfest für Institutsneubau zur Erforschung neurodegenerativer Erkrankungen in Göttingen - pbr AG erbringt für das Forschungsgebäude die Gesamtplanung
In Duitsland wonen momenteel ongeveer 1,5 miljoen mensen met dementie. Een groot deel van hen is getroffen door de ziekte van Alzheimer. Een ziektebeeld dat de wetenschap voor bijzonder grote uitdagingen stelt. In het nieuwe gebouw van het Institute for Biostructural Imaging of Neurodegeneration (BIN) en het Deutsches Zentrum für Neurodegenerative Erkrankungen (DZNE), locatie Göttingen, aan de Universitair Medisch Centrum Göttingen (UMG), zullen in de toekomst preventie, diagnose en behandeling van aandoeningen van het menselijk zenuwstelsel worden onderzocht.
Moderne voorwaarden voor interdisciplinaire onderzoek
Voor de nieuwbouw van een onderzoeksinstituut aan de Universitair Medisch Centrum Göttingen (UMG) vond op 25 maart 2015 de feestelijke oplevering plaats. In het gebouw zullen in de toekomst het Institute for Biostructural Imaging of Neurodegeneration (BIN) en het Deutsches Zentrum für Neurodegenerative Erkrankungen (DZNE), locatie Göttingen, gezamenlijk onderzoek doen naar preventie, diagnose en behandeling van aandoeningen van het menselijk zenuwstelsel.
Voor de instituten- en onderzoeksgebouw met een bouwsom van ongeveer 27,5 miljoen euro verzorgt het pbr Planungbüro Rohling AG de totale planning. Aannemer is de Universitair Medisch Centrum Göttingen (UMG) – Georg-August-Universität. Het nieuwe gebouw zal de functionele gebieden experimenteel onderzoek, theoretisch werk en service- en communicatieruimtes huisvesten.
Netwerkvorming in onderzoek en interdisciplinaire samenwerking
De wetenschappelijke locatie Göttingen biedt een breed scala aan onderzoeksinstellingen. Door de ruimtelijke verbinding van het Institute for Biostructural Imaging of Neurodegeneration (BIN) en het Deutsches Zentrum für Neurodegenerative Erkrankungen (DZNE) worden op deze locatie in de toekomst expertise gebundeld en middelen gecentraliseerd. Hoewel de interdisciplinaire samenwerking centraal staat, moet de zelfstandigheid van beide centra bouwkundig behouden blijven.
Het nieuwbouwproject met vijf verdiepingen en een gedeeltelijke kelder wordt gebouwd in het oostelijke deel van Göttingen aan de Von-Siebold-Straße. Het stedenbouwkundige omlijning wordt gekenmerkt door meerarmige gebouwen met afwisselende bouwvlakken en ruime voortuinen. Door de gekozen U-vorm past het gebouw in de bestaande bebouwing en wordt het aangevuld met aantrekkelijke binnenplaatsen. Tussen de gebouwdelen markeert een als glazen bouwkapsel vormgegeven gebouwvoeg, samen met het windscherm, de hoofdingang. Hier betreedt de bezoeker een lichte foyer, die aansluit op het centrale trappenhuis.
De gebouwstructuur wordt in hoofdzaak bepaald door de functionele eisen en de omvang van de instituten DZNE, BIN en de samenwerking. Het nieuwe gebouw biedt een verscheidenheid aan laboratorium-, onderzoeks- en apparatuurruimtes, evenals kantoor- en opslagruimtes. De verdiepingslagen zijn gelijk opgebouwd. In de linker vleugel, vanaf het hoofdtrappenhuis, bevinden zich de ruimtes van BIN, rechts de ruimtes van DZNE. In alle verdiepingen komt een gezamenlijke toiletgroep, centraal naast het trappenhuis. Binnen de instituten zijn de ruimtes per verdieping vrijwel identiek verdeeld. In de tweebundige vleugels zijn de laboratoria naar het zuiden gericht, de kantoor- en dienstruimtes naar het noorden. Afzonderlijk van het publieke verkeer worden de vergaderzalen op de vierde verdieping aangelegd. Uitgerust met mobiele scheidingswanden kunnen deze flexibel worden ingericht. De begane grond huisvest openbare ruimtes, zoals de foyer en de samenwerkingsruimtes van beide instituten. Hier bevinden zich onder andere een werkplaats, een koelopslag en service-ruimtes voor de voorzieningen.
Korte werkwegen en een hoge mate van gebruiksflexibiliteit
De onderzoeksactiviteiten van beide gebruikers worden georganiseerd binnen meerdere teams met wisselende samenstelling en grootte. De daarmee samenhangende gebruiksflexibiliteit wordt gewaarborgd door de plattegrondplanning met uniforme vloermodules op basis van een overkoepelend gebouw- en uitbreidingsraster. Zo gaat variabiliteit hand in hand met een efficiënte benutting van de ruimte. De indeling van laboratoria en kantoren in telkens één gebouwvleugel maakt korte routes tussen beide gebruiksgebieden mogelijk.
Strakke grote vorm wordt verfijnd in fijne details
Bakstenen, metaal en glas zullen de uitstraling van het nieuwe instituut bepalen. In eigentijdse toepassing refereert het gevelmateriaal baksteen aan de bouwtraditie van de omliggende gebouwen.
Het ontwerp van pbr AG voorziet in kozijnlijnen, waardoor de gevel van het nieuwe gebouw in het ritme van de vier verdiepingen wordt georganiseerd. Door de hoeken doorlopend versmelten ze de gevelzijden en creëren een lichte, drijvende uitstraling. Hoe dichter men bij het gebouw komt, hoe meer de strakke grote vorm zich ontrolt in fijne geveldetails: de lijnen van de kozijnlijnen worden voortgezet door profileringen in het metselwerk. Terugliggende bakstenen lagen weerspiegelen het zonlicht. Daarnaast voorziet het ontwerp in het ritmisch verwerken van de kozijnlijnen door middel van lisenen in afwisselende kleurtinten. De gevelarchitectuur is geïnspireerd op die van het instituutgebouw van de DZNE-locatie in Magdeburg, dat eveneens door pbr AG is ontworpen. Het doel is om de eenheid van de instituten zichtbaar te maken door middel van een corporate architecture.
pbr Planungsbüro Rohling AG
49076 Osnabrück
Duitsland








